Samenvatting uitspraak Rechtbank Noord-Nederland AWB-13_514
Datum uitspraak: 21-01-2014
Datum publicatie: 13-06-2014

De inkomsten van de verpleegster worden gezien als loon uit dienstbetrekking. De VAR-wuo is niet geldig omdat de feitelijke situatie niet overeenkomt met de situatie op het aanvraagformulier.

De situatie:
De Belastingdienst heeft de verpleegster een aanslag inkomstenbelasting opgelegd omdat zij de feitelijke werksituatie van de verpleegster beoordelen als loondienst. De verpleegster is het hier niet mee eens en heeft een beroep ingesteld. Ze vindt zichzelf met acht opdrachtgevers wel zelfstandig. Bij deze opdrachtgevers heeft ze de vrijheid om haar eigen planning te maken, ze maakt zelf een professionele afweging over de behandeling van de cliënt zonder dat de opdrachtgever hierop toeziet. Ook stuurt ze facturen voor haar verrichte werkzaamheden.

De vraag: Zijn de inkomsten van de verpleegster aan te merken als loon uit dienstbetrekking?

De uitspraak:
Als eerste is de Rechtbank van oordeel dat werkzaamheden als ‘het als verpleegkundige verrichten van medische handelingen’ in het algemeen in dienstbetrekking worden verricht. Dit geldt ook voor de wijze waarop de verpleegster deze werkzaamheden uitvoert. Daarbij hebben al haar opdrachtgevers loonheffingen en werknemerspremies ingehouden waardoor de Rechtbank van oordeel is dat de verpleegster een arbeidsovereenkomst heeft gesloten met haar opdrachtgevers.
Verder staat vast dat:

  • De verpleegster geen beroepsaansprakelijkheidsverzekering heeft afgesloten;
  • Er geen bewijs is dat de verpleegkundige zodanig zelfstandig was dat er geen gezagsverhouding zou zijn tussen haar en de opdrachtgevers;
  • De verpleegster geen facturen heeft verstuurd naar de opdrachtgevers, de urenstaten van de tussenbureaus worden door de Rechtbank niet als factuur gezien.

De verpleegster kan zich ook niet op het vertrouwensbeginsel beroepen omdat ze een VAR-wuo heeft gekregen voor dat jaar. Omdat de situatie zoals zij die geschetst heeft op het aanvraagformulier niet overeenkomen met de werkelijkheid, is de VAR dus afgegeven op onjuiste feiten en kan ze er geen vertrouwen aan ontlenen.

De verpleegster moet de aanslag van de Belastingdienst betalen.